CARPETGALLERY

Inleiding

home

Een Perzisch tapijt is de benaming voor een met de hand gemaakt tapijt uit Perzi of de wijde omgeving (Afghanistan, Tadzjikistan, Uzbekistan, Turkije, Armeni maar ook India en China) daarvan. Perzische tapijten worden ook wel Oosterse tapijten genoemd en kunnen worden gerekend tot de vroege toegepaste kunst. Al in de bijbel kunnen we lezen over het gebruik van kleden voor de versiering van de tempel. Een Perzisch of Oosters tapijt is een kleed dat met de hand is gemaakt, machinaal vervaardigde kleden behoren niet tot deze groep. Perzische tapijten worden onderscheiden in:
  • met de hand geweven stukken zonder pool, de zogenaamde kelims
  • met de hand geweven en geknoopte stukken. Deze kleden hebben een pool die in het weefsel is geknoopt en die de bovenzijde van het kleed vormt.
Vertikaal weefgetouw, gedeeltelijk metaal
zie ook: auteursrechten & voorbehoud

Inhoud

  1. De vervaardiging
  2. Tapijtknopen, (aparte pagina)
  3. De materialen
  4. De soorten of typen
  5. Nomadentapijten
  6. Dorps- en boerentapijten
  7. Ateliertapijten

zie ook: picturale tapijten


De vervaardiging

Een Perzisch tapijt wordt vervaardigd met behulp van een weefgetouw. Het eindresultaat wordt sterk benvloed door het aantal kettingdraden (scheringdraden) dat per cm wordt gebruikt. Hoe meer kettingdraden hoe fijner het werkstuk zal zijn. Tussen de kettingdraden worden de inslagdraden geweven. Na elke ingeweven inslagdraad (soms na twee of drie) volgt een rij knopen. Een knoop bestaat uit een draad die rond twee kettingdraden is geknoopt en daarna afgeknipt. De twee einden van deze draad, die verticaal op de geweven onderzijde staan, vormen de pool van het tapijt.

doorsnede Hamadan tapijt
Langsdoorsnede van een tapijt (Hamadan): de bovenste foto laat de kettingdraad zien die tussen de inslagdraden is geklemd. Bij de onderste foto is de kettingdraad niet zichtbaar omdat deze is bedekt door de knopen. De dikke inslagdraad, n tussen elke knopenrij, is goed zichtbaar.

De materialen

De gebruikte materialen zijn wol, zijde en katoen. Soms worden andere materialen gebruikt zoals jute of andere vezels, dit zijn echter hoge uitzonderingen.
De wol is afkomstig van schapen, geiten en kamelen. Schaapswol is het meest gebruikte materiaal, ook geitenwol komt regelmatig voor. Kameelwol wordt slechts incidenteel gebruikt voor producten die zijn vervaardigd door nomaden. Wol wordt gebruikt voor de pool en voor het grondweefsel: de ketting en de inslag.
Zijde is een kostbaar materiaal en wordt gebruikt bij de vervaardiging van kostbare fijngeknoopte tapijten. Vroeger was de zijde altijd van natuurlijke oorsprong maar tegenwoordig wordt ook wel kunstzijde gebruikt. Zijde wordt in de pool ook wel gebruikt samen met wol, de zijde dient dan om bepaalde details in het ontwerp te benadrukken. Zijde wordt eveneens gebruikt als kettingdraad, voornamelijk in zeer fijngeknoopte stukken. De kettingdraad moet dan dun zijn en de dunne zijdedraad is sterker dan een katoenen draad. Voor de inslagdraad wordt slechts zelden zijde gebruikt.
Katoen is afkomstig van de katoenplant en wordt gebruikt voor de ketting en de inslag. Het gebruik van katoen in de pool, eventueel in combinatie met wol, komt sporadisch voor bij goedkopere kleden.
Karakul schaap, Carpetgallery
Karakulschaap

De soorten of typen

Perzische tapijten worden op allerlei manieren ingedeeld, een eenvoudige doeltreffende indeling is op grond van het onderscheid tussen degenen die het product hebben vervaardigd. We onderscheiden:
  • nomadentapijten
  • dorps- en boerentapijten
  • ataliertapijten

Perzische tapijten worden aangeduid met namen die zijn afgeleid van de plaats of stam van herkomst bijv.: Esfahan, Tabriz, Ghom, Qasqhai, Shiraz enz.

QashQulli of Kaskoelli, Carpetgallery
QashQulli

Nomadentapijten

Nomaden zijn volkeren of stammen die rondtrekken en meestal in tenten wonen. Deze mensen houden schapen, geiten en ander kleinvee en beschikken over ruime hoeveelheden wol. Ze spinnen de wol met de hand en daarna wordt de wol geverfd. De gebruikte verfstoffen zijn voor een deel nog van plantaardige oorsprong. De kleden worden gekenmerkt door de eenvoudige patronen en de vrij grove structuur. De gebruikte patronen worden al sinds eeuwen overgeleverd binnen de leefgemeenschap en hebben vaak betrekking op de dingen van alledag en de directe leef- en woonomgeving. De afbeeldingen van bloemen, planten, dieren en voorwerpen zijn meestal gestileerd weergegeven omdat een nauwkeurige weergave een veel fijnere knoping vereist. Over het algemeen zijn (vooral de oudere kleden) volledig uit wol vervaardigd, naast wol op wol komt echter ook wol op katoen voor. Naast tapijten en kleinere kleedjes worden veel gebruiksvoorwerpen zoals tassen, zakken, tentbandd enz. gemaakt. Enkele beschrijvingen van nomadenkleden zijn beschikbaar als pdf-file: Afshar, Belutch, Khamseh, Qasqhai.
Rozenafshar, Afshar nomaden, Carpetgallery
Afshar

Dorps- en boerentapijten

De dorps- en boerentapijten worden vervaardigd door mensen uit dorpen en boeren die wonen in de omtrek van dorpen en steden. Deze mensen hebben zich blijvend gevestigd en dit geeft aan hun bestaan een zekere stabiliteit. In de omgeving van de dorpen wordt vanouds katoen verbouwd en we zien dit terug in de producten, zelfs komt het spaarzaam gebruik van zijde in de pool voor. Naast wol op wol zijn veel kleden vervaardigd op een katoenen basis. De ontwerpen zijn eeuwenoud en over het algemeen zeer traditioneel. In de afgelopen eeuw is hierin echter wel wat veranderd doordat met producten ging vervaardigen voor de export. De producten worden verhandeld in de dichtstbijgelegen stad of handelscentrum en soms worden alle kleden uit de omgeving van een dergelijk centrum naar deze stad genoemd. Als duidelijk voorbeeld geldt Hamadan, ongeveer tweehonderd dorpen uit de omgeving verkopen hun producten via Hamadan. Al deze kleden worden Hamadan genoemd en slechts enkele experts zijn in staat te zeggen uit welk dorp een bepaald product komt. Enkele beschrijvingen van dorps- en boerenkleden zijn beschikbaar als pdf-file: Hamadan, Malayer, Maslagan, Nasrabad.
Malayer, wonderkleed, Carpetgallery
Malayer

Ateliertapijten

De geschiedenis van de ateliers gaat terug tot de tijd der Safawiden. De heersende koningen (Shah's) lieten in de door hen verkoren hoofdstad ateliers inrichten voor het knopen tapijten en andere kunstvormen zoals: schoonschrijven (Kalligrafie), boekverluchting en miniaturen. De in die tijd gevestigde tradities van tapijtweven leven nog steeds in de huidige ateliers. De mooiste en kostbaarste tapijten worden vervaardigd in de ateliers der grote steden. De tapijten worden gekenmerkt door hun fijnzinnigheid, fijne structuur en het gebruik van de beste grondstoffen. Toch worden ook hier alle tapijten geheel met de hand vervaardigd. De meest voorkomende combinaties van materiaal zijn: wol en wol met zijde op katoen en op zijde en zijde op zijde. De gebruikte indelingen en motieven zijn eindeloos evenals het aantal kleuren. In de ateliers worden voornamelijk kleden en tapijten geknoopt en vrijwel geen gebruiksvoorwerpen zoals (kameel- en ezels-) tassen, zakken en zadeldekken. Enkele beschrijvingen van atelierkleden (voornamelijk figurale en picturale kleden) zijn beschikbaar als pdf-file: Keshan , Kirman , Tabriz.
Ghom, picturaal levensweg / vierseizoenen tapijt, Carpetgallery
Ghom

De knoopdichtheid

De knoopdichtheid wordt in de Europese landen aangeduid in knopen per cm2 , per dm2 of per m2. In Perzi wordt vanouds de knoopdichtheid aangeduid in "raj", dat is het aantal knopen per "gereh". Een gereh is 7 centimeter dus als we de knopen horizontaal en verticaal tellen per gereh en dat delen door 49 dan krijgen we het aantal knopen per cm2. Het voordeel van het tellen van het aantal knopen over een oppervlak van 7 * 7 centimeter is dat de bepaling van de knoopdichtheid redelijk nauwkeurig is. Een telling van het aantal knopen op een oppervlak van 10 * 10 cm is natuurlijk ook prima. Het tellen van de knoopdichtheid gebeurt aan de achterzijde van het kleed. Let bij het tellen erop of de kettingdraden in n vlak liggen, aan de achterzijde is dan elke knoop in de richting van de inslagdraden zichtbaar als twee punten. Bij een volledig gekantelde ketting is elk knoop in de richting van de inslag zichtbaar als n punt. De eenvoudigste manier om vast te stellen of de ketting in n vlak ligt is om te zoeken naar knopen die slechts een punt laten zien aan de achterzijde. Is er niet n te vinden dan ligt de ketting waarschijnlijk vlak en moet het aantal getelde punten in de richting van de inslag door twee worden gedeeld.
meten van de knoopdichtheid, Carpetgallery
Horizontaal zijn er 51 knopen per 7 cm en verticaal 58 knopen per 7 cm ,
51 * 58 / 49 = 60 knopen cm2. Dit is een kleed met volledig gekantelde ketting, de knopen zijn slechts als n punt zichtbaar.